Pianoles
Mijn moeder had als kind pianoles. Als ze een fout maakte kreeg ze een klap met een liniaal op haar knokkels. Ik had ook pianoles, vanaf mijn achtste. Mijn lerares was een vrolijke vrouw, die volgens mijn moeder erg slordig speelde. Maar speelde ze slordig, of speelde ze onbekommerd?
Ze had een aantal hebbelijkheden waar iedereen erg om moest lachen, maar niemand noemde haar wijs. Toch denk ik dat ik van haar op alle gebieden tegelijk kostelijke lessen kreeg, zonder dat het zo voelde.
Natuurlijk leerde ik de eerste beginselen van pianospelen, maar ze viel me niet lastig met informatie over de componist, of met technische uiteenzettingen. Ze liet me zelf liedjes maken en ze koos leuke stukken. Zelfs de etudes waren altijd mooi. Nooit heb ik het gevoel gehad dat ik moest 'studeren' en - het allermooiste - nooit werd mij gevraagd om 'voor te spelen'. Begrippen als 'prestatie' en 'goed spelen' kwamen niet in het programma voor. Het woord 'fout' wel, maar alleen in deze zin: "Bij een fout gewoon doorspelen, hoor". Daar heb ik al heel veel plezier van gehad, geheel buiten de piano om.
Ze speelde quatre-mains met me en liet me proeven aan jazz. Het was een feest en toen ik wilde stoppen met les omdat er andere interessante dingen waren heeft ze niet een keer geprobeerd me daarvan af te houden. Ze straalde aan alle kanten uit: als iemand iets leuk vindt dan leert hij het wel.
Ik besef nu pas hoezeer die vrouw mij als voorbeeld heeft gediend, en niet alleen voor de piano. En het werkt ook zo: af en toe hoor ik opeens van iemand een opmerking die mij dan helpt met pianospelen, maar altijd ook van toepassing is op andere aspecten van het leven. Eigenlijk ben ik dus helemaal niet gestopt met de lessen, alleen krijg ik ze nu van allerlei kanten toegediend.
Zij heeft mij opengehouden om me mijn eigen lesprogramma samen te laten stellen. Daar ben ik haar innig dankbaar voor.