Hij wordt vaak in één adem genoemd met Meester Eckhart en Johannes Tauler, met wie hij beeldbepalend is voor de middeleeuwse Rijnlandse mystiek. Van de eerste is hij een leerling, met de tweede is hij bevriend. In de religieuze geschiedschrijving heeft hij echter lang in de schaduw gestaan bij zijn twee uniek begaafde ordegenoten. Ten onrechte, blijkt steeds meer!
De kritische filosoof en mysticus Heinrich HenricusSuso (1296 – 1366, dominicaan) heeft door zijn veelgelezen en in honderdtallen gekopieerde handschriften in welluidend Duits sterke invloed gehad op de kentering in het religieuze klimaat aan het eind van de middeleeuwen. Kloosterlingen en leken lezen dan al massaal en dagelijks zijn bekende “Uurwerk van de Eeuwige Wijsheid”.
Geert Grote en zijn Moderne Devotie hebben zich inhoudelijk laten inspireren door Suso. Invloedrijke Spaanse mystici als Johannes van het Kruis en Theresia van Avila gaan terug op teksten van “de mysticus van de Bodensee”.
Heinrich Suso, in 1296 geboren in Üeberlingen aan de Bodensee, is een loot uit het patriciërs - geslacht Von Berg. Zijn vader geniet graag van de geneugten des levens, terwijl zijn meer ingetogen moeder vol toewijding een godgewijd pad bewandelt. Dat laatste spreekt de jonge Heinrich meer tot de verbeelding. Hij neemt daarom haar familienaam aan: Seuse (latijn: Suso). Heinrich blijkt extreem begaafd en krijgt toestemming om al op zijn dertiende in te treden in het dominicaner convent in Konstanz (Bodensee). Enkele jaren later wordt de jonge Seuse, die de kloosternaam Amandus - de beminnelijke - draagt, naar Keulen gestuurd om onderricht te worden door de in die dagen al veel geroemde maar ook verguisde Meester Eckhart.
Na terugkeer in zijn geboorteregio wijdt Suso zich aan de zielzorg en begint hij te schrijven aan zijn filosofisch – mystieke werken. Hij wordt in korte tijd bovenregionaal bekend, omdat zijn mystieke boodschap de geleidelijk ontstane kloof tussen de gelovigen en de kerk van die dagen blijkt te kunnen overbruggen. Bovendien schrijft hij als een der eersten van zijn tijd niet in het Latijn maar in stijlvol en aanstekelijk leesbaar Duits. Zijn succes roept veel achterklap op en onophoudelijke verdachtmakingen van ketterij. Desondanks blijft hij binnen de kerk. Hij krijgt echter wel enkele malen een strafoverplaatsing, zoals naar het Beierse Ulm waar hij in 1366 overlijdt.
Loslating
“Het boek van de waarheid” is het bekendste traktaat van Suso. Hij schrijft het ter verdediging van Eckhart, in 1329, kort na diens overlijden en nadat tientallen leerstellingen van Eckhart officieel zijn veroordeeld tot eeuwenlange anonimiteit. Suso hoopt kennelijk op een postuum eerherstel voor zijn leermeester, want hij pakt het tactvol aan en plaatst belangrijke stellingen en bronnen van Eckhart binnen de traditie van de kerk.
Suso stelt vast dat de mens geleidelijk van zijn “goddelijk oerbeeld” is vervreemd. Terugkeer daarnaar is enkel mogelijk door het inzicht dat “alle schepselen eeuwig in de goddelijke essentie als in hun model hebben bestaan. In zoverre ze met de goddelijke idee overeenstemden waren alle schepselen voor hun schepping één met de Goddelijke essentie. God schept in de tijd wat was en is in eeuwigheid. Eeuwig zijn alle schepselen God in God….In zoverre ze in God zijn, maken ze deel uit van hetzelfde leven, van dezelfde essentie, van dezelfde macht, van het zelfde Ene, en niets minder.”
Iedere mens is volgens Suso in staat om dit inzicht te verwerven, als hij zich openstelt voor het besef dat hij zichzelf niet heeft gemaakt. Verzet hij zich tegen dit inzicht, dan handelt hij “onrechtvaardig”. Hij eigent zich meer toe dan hem toebehoort. Dat laatste is wezenlijk voor Suso’s zondebegrip: de mens beschouwt zich zelf als de oorsprong van zijn denken en doen. De kern van deze zondigheid is het “persoon – zijn”. Dit leidt de mens af van zijn oorsprong en dus van het vinden van zijn zaligheid. De weg naar zijn oorsprong vindt de mens terug door “terug te blikken” en te beseffen dat hij het bestaan van God heeft. Dit besef is de Ware Loslating, de loslating dus van het eigen “persoon – zijn”.
Inspiratiebron
Het Uurwerk der Eeuwige Wijsheid (ook bekend als het Horologium)) is Suso’s bekendste en meest verspreide werk. Het bestaat uit 24 hoofdstukken ingedeeld naar de 24 uren van de dag en is geschreven in de vorm van een dialoog tussen de Eeuwige Wijsheid, God, en de leerling, Suso. De teksten zijn bedoeld om de gebruiker terug te brengen naar de vroegchristelijke devotie en toewijding die in de middeleeuwse kerk teloor waren gegaan. Suso noemt zijn vernieuwingsstreven een vorm van “moderne devotie waarvoor permanente oefening noodzakelijk is”. Hij vermeldt dat hij zich bij het schrijven van het Uurwerk mede heeft laten inspireren door de woestijnvader Arsenius (350-445) aan wie hij de “drie principes van spirituele gezondheid” ontleent: * Laat alles om u heen los * Houd zo veel mogelijk stilte aan en * Wees in rust.
Geert Groote uit Deventer heeft zich niet alleen bij de naamgeving van zijn bekende religieuze vernieuwingsbeweging, de “Moderne Devotie”, laten inspireren door Suso. Ook Groote beoogt verdiepte “innigheit” van geestelijk leven bij zowel leken als kloosterlingen door hernieuwing van de oude vroomheid. Als dagelijkse leidraad voor de Moderne Devoten fungeert Suso’s “Uurwerk van de Eeuwige Wijsheid” dat voor ieder uur van de dag een spiritueel aanknopingspunt biedt. Ook in de “De imitatione Christi” (uit 1472) van Thomas van Kempen, waarvan gezegd wordt dat het naast de bijbel misschien wel het meest gelezen boek in de westerse wereld is, blijkt bij nadere beschouwing de hand van Suso terug te vinden.
Vrouwelijke liefde
Suso was tot aan haar dood in 1360, tientallen jaren bevriend met de hoog begaafde non Elsbeth Stagel. Hij was haar mentor, hij noemde haar ook “zijn dochter”, maar in het contact was hij niet alleen de leidende. Tegelijk was hij de door zijn pupil geleide en de door haar ontvangende. Dat blijkt bij voorbeeld uit het door hem geformuleerde ideaal van de liefde tot God die door Suso als vrouwelijk wordt voorgesteld.
De liefde van déze wereld begint met warmte en vreugde, en eindigt met leed en smart, aldus Suso tot zijn “dochter” Elsbeth. “En dat terwijl de zoete Minne tot God - de Liefde met een hoofdletter waartoe een vrouw kan inspireren - weliswaar vaak begint met lijden maar daarna steeds mooier en gelukkiger maakt, totdat de liefde en de Liefde eeuwig verenigd worden.”
Suso wijst de zoekers van zijn tijd de weg van autoriteitsgeloof naar innerlijke loutering en waar christendom. Als geen ander beseft hij dat op deze weg aansprekende teksten in de volkstaal het meest inspirerend zijn. Tienduizenden weet hij ermee te beroeren. Hij zorgt voor frisse lucht binnen het vaak benauwende, middeleeuwse, collectief en hiërarchisch beleefde christendom.
Heinrich Suso heeft het venster opengezet naar het innerlijk christendom van een nieuwe mensheidsperiode.
Meer over Suso? In het Nederlands is momenteel alleen “Het Boek van de Waarheid”, ISBN 9065544941, verkrijgbaar. In bibliotheken is weinig over Suso, behalve in de Bibliotheca Philosophica Hermetica in Amsterdam die over een zeer uitgebreide selectie aan Suso – werken beschikt.