Het hoogste weten is niets te weten
Als schrijver neemt Meyrink een aparte plaats in. Hij is niet gefixeerd op belletrie als product op zichzelf. Hij is ook niet in een letterkundig hokje te plaatsen. Hij tilt zich zelf als het ware uit boven elk literaire genre. De auteur Meyrink probeert in zijn boeken, brieven en verhalen de ziel van de lezer aan te spreken. En door die zielewerking wil hij bereiken dat zijn lezer inzicht krijgt in wie hij werkelijk is.
Een citaat uit Walpurgisnacht kan dit demonstreren: “U ben helaas, zoals bijna alle mensen van kindsbeen af in de misvatting verstrikt geweest onder het “Ik” uw lichaam, uw stem, uw denkvermogen of God mag weten wat te verstaan, en daarom hebt u niet het vaagste vermoeden meer wat uw “ik” eigenlijk is. Het “ik” stroomt door de mens heen, vandaar dat een ompoling in het denken nodig is om uzelf in het eigen “Ik” terug te vinden. Bent U vrijmetselaar, excellentie Nee? Jammer! Als u het was, dan wist u dat in bepaalde loges de gezel wanneer hij “meester” moet worden, achteruit schrijdend in het heiligdom van de meester naar binnen moet gaan. En wie vindt hij daarbinnen? Niemand! Had hij daar iemand gevonden, dan zou het toch een gij zijn en niet een “Ik”. Het “Ik” is de meester.”
Zijn lijfspreuk “Het hoogste weten is niets te weten” (summa scientia nihil scire) is Meyrink ten voeten uit. Het nulpunt voor ons altijd naar kennis en weten hunkerende wezen is “het weten niets te weten”. Dat punt moet volgens Meyrink eerst bereikt zijn, wil er sprake kunnen zijn van een innerlijke omwending. Pas dan kan de mens leren handelen vanuit bevrijdende inzichten en vanuit zijn diepste innerlijk kompas.
Het is Meyrinks onschatbare verdienste voor alle godzoekenden van zijn tijd en later, dat hij dit besef door zijn levenshouding en door zijn werken indringend heeft voorgeleefd.
Wie meer wil lezen van en over Meyrink, kan terecht bij de Rozekruispers. Daar zijn verschenen: De Engel van het westelijk venster; De witte Dominicaan en Het groene gezicht en het verhaal De klokkenmaker. Verder is verkrijgbaar het symposiumboekje “Het hoogste weten is niets te weten
Als schrijver neemt Meyrink een aparte plaats in. Hij is niet gefixeerd op belletrie als product op zichzelf. Hij is ook niet in een letterkundig hokje te plaatsen. Hij tilt zich zelf als het ware uit boven elk literaire genre. De auteur Meyrink probeert in zijn boeken, brieven en verhalen de ziel van de lezer aan te spreken. En door die zielewerking wil hij bereiken dat zijn lezer inzicht krijgt in wie hij werkelijk is.
Een citaat uit Walpurgisnacht kan dit demonstreren: “U ben helaas, zoals bijna alle mensen van kindsbeen af in de misvatting verstrikt geweest onder het “Ik” uw lichaam, uw stem, uw denkvermogen of God mag weten wat te verstaan, en daarom hebt u niet het vaagste vermoeden meer wat uw “ik” eigenlijk is. Het “ik” stroomt door de mens heen, vandaar dat een ompoling in het denken nodig is om uzelf in het eigen “Ik” terug te vinden. Bent U vrijmetselaar, excellentie Nee? Jammer! Als u het was, dan wist u dat in bepaalde loges de gezel wanneer hij “meester” moet worden, achteruit schrijdend in het heiligdom van de meester naar binnen moet gaan. En wie vindt hij daarbinnen? Niemand! Had hij daar iemand gevonden, dan zou het toch een gij zijn en niet een “Ik”. Het “Ik” is de meester.”
Zijn lijfspreuk “Het hoogste weten is niets te weten” (summa scientia nihil scire) is Meyrink ten voeten uit. Het nulpunt voor ons altijd naar kennis en weten hunkerende wezen is “het weten niets te weten”. Dat punt moet volgens Meyrink eerst bereikt zijn, wil er sprake kunnen zijn van een innerlijke omwending. Pas dan kan de mens leren handelen vanuit bevrijdende inzichten en vanuit zijn diepste innerlijk kompas.
Het is Meyrinks onschatbare verdienste voor alle godzoekenden van zijn tijd en later, dat hij dit besef door zijn levenshouding en door zijn werken indringend heeft voorgeleefd.
Wie meer wil lezen van en over Meyrink, kan terecht bij de Rozekruispers. Daar zijn verschenen: De Engel van het westelijk venster; De witte Dominicaan en Het groene gezicht en het verhaal De klokkenmaker. Verder is verkrijgbaar het symposiumboekje Gustav Meyrink “De weg naar degene die men eigenlijk is” (Haarlem 2008) alsmede een Contemplatief jaarboekje 2009 over Gustav Meyrink, samengesteld door G. Olsthoorn.
Bij de uitgeverij “In de Pelikaan” is recent een doorwrochte studie van Theodor Harmsen over Meyrink verschenen: “ Der magische Schriftsteller Gustav Meyrink, seine Freunde und sein Werk” (Amsterdam 2009, 315 pagina’s).