Eerste lezing in de cyclus Hoofd – Hart – Handelen.
De hogere krachten in het hoofd.
Er is het hoofdcentrum, de plaats van weten, kennis, denken en analyse.
Er is het hartcentrum, waarin gevoel, wensen, verlangens een plaats vinden. Het hart is ook de generator van liefde.
En er is een levenscentrum met de eigenschap actie, daadkracht.
In de lezingserie wil de geestesschool van het Rozenkruis de dynamiek van elk van deze drie levenscentra belichten.
In de eerste lezing vormt het hoofdcentrum het uitgangspunt, waarbij twee aspecten de aandacht krijgen: het ego (het ik, de persoonlijkheid) en de ziel, de intuïtie, het innerlijke weten. Tussen die twee ervaren we vaak een spagaat. Het eerste probleem is dus het herkennen in onszelf van die twee aspecten, met elk hun eigen dynamiek en invloed.
Wat is dat ego? In de visie van het rozenkruis was het ego bedoeld als instrument. Hiermee kon de inwonende onstoffelijke godsvonk zich in deze stoffelijke wereld uitdrukken. Het was bedoeld als hulpmiddel op het pad van bewustwording, het pad door de stof heen tot de uiteindelijke bewuste, vrijwillige terugkeer naar zijn geestelijke bestemming.
Maar naarmate in de loop van de menselijke geschiedenis het denken zich ontwikkelde en het zelfbewustzijn groeide, werd dit ego krachtiger en machtiger, totdat het dominant werd in plaats van dienstbaar aan het innerlijke weten van het hart. De mens raakte verdwaald…
De lezingen zijn ook afzonderlijk te volgen.