De Cauldron van Ceridwen

‘Driemaal ben ik geboren.
Ik weet hoe te overdenken.
Het is treurig dat de mensen niet gaan zoeken
naar alle kennis van de wereld
die in mijn borst is vergaard.
Ik ken alles wat er geweest is
en alles wat er hierna zal zijn.’



Volgens de mythe die over de bard Taliesin bekend geworden is, werd hij ingewijd door de kostbare vloeistof in de ketel, die de Cauldron van de godin Ceridwen genoemd wordt.
Taliesin roert in de Cauldron de magische vloeistof en per ongeluk vallen er drie gloeiend hete druppels op zijn hand. Taliesin, die toen nog Gwyon was, likt ze snel van zijn huid en krijgt meteen  visionaire krachten. Hij weet dat hij nu moet vluchten voor de boze Ceridwen.

Gwyon, die nu magische krachten had verkregen, verandert zichzelf  in een haas, maar Ceridwen tovert zichzelf om in een jachthond. Gwyon ondergaat achtereenvolgens de veranderingen van een vogel naar een vis om ten slotte een graankorrel te worden. Ceridwen achtervolgt hem telkens weer opnieuw en tovert  zichzelf  uiteindelijk om als  kip die graankorrel oppikt en inslikt. Na negen maanden schenkt zij de graankorrel het leven. Hij wordt  nu als Taliesin geboren en  is zo mooi dat Ceridwen hem niet kan doden. Ze stopt hem in een lederen zak en werpt hem in zee.

Taliesin wordt gevonden door Elphin die hem verzorgt. Dit duurt echter niet lang, want Elphin die verstrikt raakt in wereldse beslommeringen wordt  door zijn rijke oom Maelgwyn in de gevangenis gegooid. Door de magische stem van Taliesin, die het lied van de wind aanheft en het Hoogste Wezen aanroept, bevrijdt  hij Elphin. In dat lied voorspelt  Taliesin eveneens de ondergang van Maelgwyn.

De drie druppels uit de Cauldron zijn de drie graden van inwijding om ‘driemaal geboren’ te worden. Ten eerste is er de tocht door de wereld van de vier elementen, de herinnering aan het voorgeboortelijk leven. Ten tweede:  het verliezen van de aardse persoonlijkheid, die in de gevangenis wordt gegooid. Ten derde zien we de bevrijding van Elphin door Taliesin,de onsterfelijke geest,  en wordt alles vernietigd wat tot de lagere natuur behoort.

Taliesin spreekt dan:

Ik werd eerst gemodelleerd naar de vorm
van de zuivere mens in de zaal van Ceridwen…
Ofschoon klein qua inborst
en bescheiden in mijn houding, was ik groot.
Een heiligdom droeg mij boven het oppervlak van de aarde.
Terwijl ik binnen zijn ribben lag besloten,
verschafte de lieflijke Awen mij volledige hulp,
en mijn lot werd mij zonder hoorbare taal
medegedeeld door de oude reuzin,
die duister glimlachte in haar gramschap.

Awen = de Cauldron