Meten is weten en wat je niet kunt meten, bestaat niet. Dit is het motto van onze tijd, waarin velen zich afwenden van de religie en de wetenschap omarmen. Maar juist vanuit de moderne wetenschap krijgt een heel ander inzicht steeds meer gezag.
Volgens Max Planck, de grondlegger van de kwantummechanica (de wetenschap waarin het gedrag van de kleinste energiedeeltjes wordt beschreven), is er niet zoiets als materie op zich. “Niet de zichtbare en vergankelijke materie is reëel, echt en feitelijk, maar de onzichtbare eeuwige geest. Maar geestelijke wezens moeten geschapen worden”, zegt Planck en hij schaamt zich er niet voor deze mysterieuze schepper net zo aan te duiden als alle oude culturen hebben gedaan, als God. Zo komen we via de moderne wetenschap toch weer uit bij de bron van alle religie: God.
Volgens de Rozenkruisers is er maar één plaats waar zekerheid ontstaat over het bestaan van God: het menselijke hart. Dat zeker weten is een innerlijk weten, een weten van het hart.
Spinoza spreekt van “de Rede die in het midden is”. Het is die Rede, die hoofd en hart verenigt en de mens tot een nieuw bewustzijn brengt en hem de universele waarheid doet zien.
Datum:
10 november 2009, 20:00 - 20:45
Naam:
Lectorium Rosicrucianum
Adres:
Avenue Concordia 102