• Om onze audio en video te kunnen bekijken moet u al onze cookies accepteren. Klik om je cookie instellingen aan te passen.;

14 Bewustzijn

LECTORIUM ROSICRUCIANUM

Over het bewustzijn.

De School van het Rozenkruis richt zich tot de zoeker naar het Licht door de Gnosis te verklaren en daarmee in bewuste binding te treden.

In deze bezinning willen wij met u spreken over
het bewustzijn van de persoonlijkheid
en het bewustzijn van de Goddelijke Zielenkern in het hart.

Bewustzijn is leven.
Alles wat leeft heeft bewustzijn.
Leven en bewustzijn bepalen elkaar.
Alles wat leeft, al wat is,
vindt zijn oorsprong in het hoogste bewustzijn. Dát bewustzijn is alomvattend, is goddelijk.

“Bewustzijnsstaat is levensstaat, Levensstaat is bloedsstaat, bloedsstaat is onafwijsbare daad in niet te stuiten Levenshouding.”

Wat wij denken, willen en voelen
neemt, naarmate wij er meer mee bezig zijn,
steeds duidelijker vormen aan.
Ze worden tot beelden, begrippen en inzichten.
Ons wils-, denk- en handelingsleven is met deze vormen verbonden. Zij bepalen onze zijnstoestand, ons bewust-zijn.
Deze vormen laten ons niet los en het is niet zo gemakkelijk
ze weer te doen verdwijnen.

Door voortdurende herhaling van ons denken en voelen
rondom dezelfde beelden, begrippen en vormen ontstaan vaste patronen. Deze polariseren het bewustzijn in een bepaalde richting.
Naarmate ze langer worden volgehouden gaan ze het wezen
in toenemende mate beheersen.
Zo neemt de mens zichzelf onontkoombaar gevangen.
Uit deze gevangenis van begrippen, beelden en inzichten
móet de mens dan handelen.
Hij kan niet anders. Zo schept hij zich een eigen lot.

 

De resultaten van dit scheppingsproces worden in het levenssysteem van de mens gegrift,
tot in het bloed, tot in iedere cel.
Iedere volgende gedachte of wilswerking

komt weer voort uit dat bloedspatroon.
Door deze terugkoppeling wordt het bewustzijn voortdurend door zichzelf ingehaald en bevestigd.
Zo wordt het bewustzijn begrensd.

Het draait om zichzelf heen, het is egocentrisch en het kapselt zichzelf steeds verder in
in een neergaande spiraal.
Dit is de aard van ons gewone natuurbewustzijn.

Maar de mens houdt niet op met onderzoeken, vragen en worstelen
om aan zijn benauwde aardse bewustzijn te ontkomen.
De zoeker naar het Licht wil uit deze gevangenschap losbreken.
Want de zoeker die de grenzen van zijn natuurbewustzijn heeft ervaren, beleeft zijn eigen lichaam als een gevangenis van vlees en bloed.

Maar in de binnenste binnenkamer van deze gevangenis
brandt een onblusbaar vuur dat verontrust en dat stuwt tot zoeken. Daarin is de kiem van de bevrijding te vinden.
Van deze kiem, of kern, gaat een vibratie uit,
al is deze ook zwak.

De zwakke impuls van deze kern
kan niet zo gemakkelijk doordringen
in de duistere krochten van het geïndividualiseerde,
stofgebonden natuurbewustzijn.
Dit vuur komt niet voort uit het aardse bewustzijn met zijn zintuigen, en kan daardoor ook niet beïnvloed worden.

Het leidt een eigen leven in het hart
en het gaat niet mee in de neerwaartse spiraal van de egocentrische natuur.

De klassieke Rozenkruisers spreken hier
over de “Roos in het hart”.
De moderne Rozenkruisers noemen deze kern
het geestvonkatoom,
omdat het de kleinste eenheid van de goddelijke natuur symboliseert.

 

------

Wie wil niet hetgeen,
dat onvergankelijk en goddelijk in hem is, leren kennen ?
Deze kennis kán verkregen worden.
Het is een speurtocht naar het eigen zelf en het kosmische Al,
een speurtocht duizendmaal spannender dan het zoeken naar een aardse schat.

De speurtocht naar het eeuwige in de mens zelf,
is een reis naar het middelpunt van ons eigen wezen, naar het zekerste dat bestaat:
naar Het rijk der werkelijkheid.
Uit dát rijk zijn wij afkomstig.
Daarin zijn wij onlosmakelijk geworteld.
De zoektocht naar dit Vaderland is onze levensopdracht. Deze begint met het inzicht dat dit de opdracht is.

Bewustzijn hebben van deze levensopdracht is geen geloven-op-gezag, maar betreft een zelfstandig proeven van onze weg
en een zelf leren kennen van wat Waarheid is.

We kennen speurtochten die voortkomen uit zelfzucht, of uit levensangst.
Maar de speurtocht naar het onvergankelijke appelleert aan onze zucht naar bevrijding uit de begrenzingen van ons aardse natuurbewustzijn

en aan het verlangen van onze ziel
naar het eeuwige achter al het vergankelijke.

Deze speurtocht eist een absolute eerlijkheid.

Het vereist een loskomen van onze vaste patronen van denken en voelen, een vrijkomen uit onze gevangenis van beelden, begrippen en inzichten. Alleen dat wat wij zelf als Waarheid hebben herkend heeft hier betekenis.

Deze speurtocht is een innerlijk Pad.
Geen priester of geestelijk leider kan hier voor ons bemiddelen. Het gaat erom God te zien, rechtstreeks, in het eigen wezen.

Hier kunnen wij ons afvragen: is het eigenlijk wel mogelijk,

om op eigen kracht de ketenen van het natuurbewustzijn af te schudden ? Kunnen wij onszelf, midden in het leven staande,
opwerken tot het inzicht – tot bewust Zijn- ,
dat wij één zijn met het oneindige?

Of blijft dit een geschenk van het eeuwige aan enkele uitverkorenen?

--------

Voor ieder mens ís het mogelijk
tot de volkomen vrijheid van het eeuwig Zijnde op te gaan. Deze eenwording is een zich wegschenken van het eeuwige. Een ieder die zich met geheel zijn wil en
met geheel zijn wezen aan het eeuwige overgeeft,
ontvangt dit geschenk.

In ieder mens leeft iets van het goddelijke.
Daaruit pulseert een kracht, die hem nu reeds blijvend
met het rijk der werkelijkheid verbindt.
God, de Geest des Levens, is dichterbij dan we ons kunnen voorstellen. Iedereen kan Hem ervaren en één met Hem worden,
omdat iedereen Hem in zich draagt.

De weg tot harmonie met het Al staat daarom voor eenieder open.
Tot welke hoogte iemand het pad bestijgt hangt alleen van hemzelf af. Niemand wordt de toegang tot het eeuwige versperd!
Maar deze weg tot het einde toe te gaan, blijft voorbehouden aan hen, die er het besef toe hebben gekregen en er rijp voor zijn.

Iedereen moet de weg zelf gaan.
Alleen maar wéten dat dit de waarheid is, is niet genoeg. Pas het lévende bezit maakt ons vrij.

Werkelijk en werkzaam is voor ons alleen dát, wat wij zélf ervaren. Door onze speurtocht worden wij ons van onszelf bewust.
Wij leren onderscheiden wat van onze biologische staat is en
wat van onze innerlijke goddelijke staat.

Zo vinden wij de oerbron van alle leven in onszelf,
binnen in het eigen microkosmische stelsel.
Via die Innerlijke Bron komen wij tot beleven van onze eenheid met God, kosmos en medemens.
Wij moeten onszelf tot een weg worden,
om te ontwaken tot hoger bewustzijn, tot het hogere leven.

 

Wanneer wij de kracht vanuit de Innerlijke Bron
durven laten vloeien in ons daadleven,
dan zullen wij ontdekken welke geweldige energieën,
mogelijkheden en rijkdommen aan de dag treden.
Steeds wanneer wij, ondanks onzekerheden, noden en zorgen van alledag, vertrouwen hebben in de hogere kosmische macht in ons,
stroomt deze innerlijke krachtbron rijkelijk.
Zij doet onze weerstand afnemen en maakt onze verborgen grootheid openbaar.

Zo is deze God een geest van de innerlijke wereld, die ons vanuit ons diepste wezen beroert en waarmee wij onlosmakelijk één zijn.
Het is “ de vonk in het diepst van de ziel ”,

die ons verbindt met het oneindige.

--------

Alles is tijdelijk.
We leven in een wereld van tegenstellingen.
Niets in deze wereld is volmaakt.
Wie dit inziet,
wie dit aardse leven onmogelijk kan zien als einddoel,
wie op zijn levensvragen vanuit deze wereld geen antwoord meer krijgt, hunkert met heel zijn hart naar een oplossing.
Hij is gekomen op het punt van de ervaringsweg
waar de oplossing zeer dichtbij is.

En op dat moment spreekt dan, in het hart, weer de Oorspronkelijke Idee. De eerste stap tot bewustwording van die Idee wordt daardoor mogelijk: De ingang tot een totaal Nieuw BewustZIJN.
Een vernieuwing die aanvangt in het Rozenhart.

Dat is een punt van bewust-wording, dat is een punt van stilte, van omkering op de levensweg,
waarop een aanraking vanuit de cirkel der eeuwigheid
zeer direct via de roos in het hart, het wezen raakt.

Het is de aanraking door de geest Gods,
die een nieuw, lichtend vuur ontsteekt in de microkosmos, zowel in het hart, alsook in het denken,

 

ja in het totale bewustZIJN, van die mens. ----------

Het gaat hier om een proces dat van buitenaf
vrijwel niet beïnvloed kan worden en dat ook niet
door de dialectische persoonlijkheid bevorderd of gestuurd kan worden.

Het is de ziel, gelouterd door ervaring en lijden,
die in staat is dit proces aan te vangen.
Maar niet iedere ziel is daartoe geëigend.
Alleen de ziel die reageert op de stralingswerkzaamheid vanuit de Roos des harten is daartoe in staat.

De ziel is het ontvangende, weerspiegelende,
waarnemende en verwerkende principe.
De ziel van de zoeker naar het Licht, van de zoeker naar nieuw bewustzijn, staat tussen twee stralingsvelden in,
die van volkomen tegengestelde aard zijn:
het aardse en het goddelijke stralingsveld.
Zij wordt dus heen en weer geslingerd tussen twee toestanden.
Enerzijds hunkert de ziel naar een levende binding met het goddelijke, anderzijds trekt steeds weer de zwaartekracht van het aardse.

Daarom zegt de Geestesschool dat de zoeker naar het Licht moet komen tot een omkering, tot een transformatie.

De persoonlijkheid moet zodanig veranderen dat zij een dienaar van de ziel kan zijn,
zodat de ziel zich kan verbinden met het goddelijke.

Dit kan alleen wanneer de persoonlijkheid ervan doordrongen is, dat zowel voor de groeiende nieuwe ziel,
als voor de dienende persoonlijkheid
het Hermetische axioma geldt:

"Alles ontvangen, alles prijsgeven en daardoor alles vernieuwen”.

-----------

Bewust-ZIJN is ONT-wikkeling.
Ontwikkeling is: het eeuwige in ons gestadig van zijn windselen ontdoen.

Bijgevolg ligt in al ons zoeken naar de harmonie met het oneindige, reeds de belofte van het vinden besloten,
want het is een echo van de hunkering van de goddelijke vonk
naar zijn eeuwig tehuis.

Het is de adem Gods in ons.

Moge het ons allen gegeven zijn
aan deze ontwikkeling deel te hebben.

 

Bekijk de tekst hier in PDF formaat

 

Reacties

Voeg reactie toe

Geschreven door Evert op zo, 27-10-2019, 05.52u

De vleugel van de witte engel

De gans andere en ik werden tegelijk hier op aarde geboren.
De gans andere is niet van hier. Hij is afkomstig van en hoort thuis in de wereld van het Licht. Eigenlijk is hij hier een gevangene.

De gans andere is degene waardoor en waarom ik geboren ben. Hij heeft zichzelf als het ware opnieuw in deze wereld aan mij gevangen gegeven.

Want hij kan niet anders. Hij kan niet anders dan wachten tot ik er klaar voor ben ruimte te maken voor hem. Hij wacht tot ik me er bewust van ben dat ik zonder hem niet kan leven, dat er geen andere mogelijkheid tot werkelijk leven is dan met en door hem.

Hij wacht totdat ik mijn leven heb leren wijden aan hem en zijn vader, die eigenlijk ook mijn vader is. Pas vanaf het moment dat ik mij wijdt aan de mogelijkheid dat híj huiswaarts kan keren, doe ik waar mijn leven voor is bedoeld. Vanaf het momént dat ik ruimte maak voor zijn thuisreis, kan zijn thuisreis aanvangen en kan hij zich door mijn leven herinneren hoe die weg kan worden gegaan.

En er komt nog iets mooiers bij kijken, want er wordt gezegd dat ik mee mag reizen als ik mezelf volkomen aan onze thuisreis wijdt.
Maar het állermooiste is wel, dat dit liefde is.

Geschreven door Wilma lentjes op wo, 19-6-2019, 10.00u

Ik ben 18 juni op een bijeenkomst geweest en heb antwoord gekregen op een vraag die ik aan Het Goddelijke heb gesteld. Een nieuwe fase breekt voor mij aan, ik ga me bezinnen over de bijzondere zaken die ik heb gehoord en gelezen.

Geschreven door Chris van Hoorn (j.en.c.vanhoorn@gmail.com) op di, 9-4-2019, 14.31u

Beter ten halve gekeerd als ten hele gedwaald...

Geschreven door ivo claessen op do, 14-3-2019, 14.03u

Herkenbaar verhaal, ben zoekende me te "ontwikkelen" zou daar wel hulp bij kunnen gebruiken...

Geschreven door Carlaverkerk op ma, 7-1-2019, 12.40u

Het zelfbesef is de grootste begoocheling. Elke dag en nacht! In het nietdoen/woe wei dit vast te houden islam best lastig.

Geschreven door Carla op zo, 6-1-2019, 21.25u

Wankel en vol vertouwen balanceren is een weg van weten waar ik mijn voet plaats. Dit komt in mij op.

Geschreven door Murray Kion op zo, 6-1-2019, 19.04u

Wijze woorden, want Via Gnosis is een pad van verinnerlijking, waarbij in toenemende mate ons bewustzijn van verbinding met onze Mysterieuze OerBron ons doet laven aan Grenzenloos Geluk, ongeacht aardse omstandigheden, want dat is de Zegen die ons toevalt, en Grenzenloze Dankbaarheid jegens onze Meest Geliefde is ons Hemelse Kompas op Moeder Aarde en Alom!

Br. M

Geschreven door Jes Jespers op zo, 23-12-2018, 06.29u

Als we wakker worden uit onze dromen worden we ons bewust van wat we dromen, worden we dagdromers. Je betrappen op het feit dat je loopt te dromen maakt dat je 'meer' waarnemer wordt. Meer waarnemen maakt dat je minder en minder mechanisch je aandacht aan 'zomaar iets' schenkt, doch dat je meer en meer er bewust voor kiest ergens je aandacht aan te schenken en ook je inzicht groeit wat aandacht vermag. Aandacht is voedsel en maakt van horen zien maar kan ook een angst doen uitgroeien tot een obsessie. Onze aandacht is het meest begeerlijke product, voor politici betekent het macht, voor de commercie betekent het reclame-inkomsten of extra omzet. We kunnen er ook voor kiezen onze aandacht niet langer in mentale bewustzijnsvormen te steken. Als we de aandacht op de stilte in ons zelf richten zijn we niet langer slechts wakker doch ontwaakt. De staat waarvan Rumi zei: ik ben het gat in de fluit waar doorheen God ademt. Christus zei hetzelfde met de woorden: Vader, niet mijn wil doch uw wil geschiedde!. In deze stille staat zijn wij mede Waarnemers. In deze staat zijn we ook 'arm van geest', waarvan Christus zei dat deze ons het koninkrijk der hemelen zal doen beërven, we zijn spontaan en weer speelkamaraadjes voor de kinderen, we zijn weer vrij om huppelend door het leven te gaan. In deze stille staat van aandacht zijn we als de graal die we moeten worden. Ons rest slechts de sattvische kwaliteit van onze helderheid te bewaken, maar ook daarvoor kan je gereedschap worden aangereikt. Zo eenvoudig is het!