• Om onze audio en video te kunnen bekijken moet u al onze cookies accepteren. Klik om je cookie instellingen aan te passen.;

9 De innerlijke beleving van de jaarfeesten

Welkom bij bezinning 9 van het Gouden Rozenkruis.

Deze keer willen wij ons bezinnen op

 “De innerlijke beleving van de jaarfeesten”.

 

Reeds vele miljoenen jaren gaat de mensheid
door  diepe ervaringen heen,

teneinde opníeuw een reis te kunnen aanvangen.

Het uiteindelijke doel van dié  reis is, de terugkeer tot het goddelijke geestveld, 

dat is het oorspronkelijke levensveld van de mens.

 

Reeds miljoenen jaren wordt  vanuit dit geestveld gepoogd,

de mensheid te bewegen haar hoge roeping te vervullen, namelijk:

het bewerkstelligen van transfiguratie.

Deze transfiguratie maakt het levensstelsel geschikt  voor opname
in het goddelijke geestveld.

De mogelijkheid daartoe is organisch in elk mens aanwezig.

Zij is gelegen in het denkvermogen, dat daartoe tot volle ontplooiing
moet worden gebracht.

 

De mensheid klampt zich echter vast aan de aarde.

Daardoor treedt een voortdurend proces van kristallisatie op,

een proces, dat de mens belemmert in zijn opgang naar
het oorspronkelijke levensveld.
 

Vele rampen hebben de mensheid al getroffen,

om haar te behoeden voor verdergaande kristallisatie.

Zo blijft voor de mens de mogelijkheid open tot het proces van transfiguratie.

 

Bij deze corrigerende rampen moeten wij niet denken
aan de  wrekende goddelijke gerechtigheid,
maar aan een vorm van herstel.

 

Om dit te kunnen begrijpen dienen wij te beseffen,
dat het universum één geheel vormt,
waarbinnen alles met elkaar samenhangt.

 

Binnen het universum vinden we macrokosmos, kosmos en microkosmos.

Ons  levensstelsel, de microkosmos, vormt een organisch onderdeel
van de kosmos en de macrokosmos.

 

Als nu een wezen binnen dit geheel, het Goddelijke scheppingsplan tegenwerkt,
zoals bijvoorbeeld bij een te sterke aarde-gebondenheid,
ontwikkelen zich altijd reacties; niet als straf, maar als correctie.

 

De macrokosmos is een zelfcorrigerend systeem, waarin door de werking van natuurwetten, altijd herstel van het kosmische en interkosmische evenwicht optreedt.

 

Transfiguratie

Door de indaling van de Christusimpuls tot in het hart der aarde
werd en wordt de mens vanaf het begin van de christelijke jaartelling
in staat gesteld de transfiguratie te voltrekken, dat wil zeggen:
de Geest-Zielenmens tot aanzijn te roepen.

Hij wordt niet alleen in staat gesteld de zielenwedergeboorte te realiseren,

maar ook, om in de kracht van de Universele Christus, 
de weg  daadwerkelijk te gáán door omzetting van al het lagere in het hogere.

 

De transfiguratie is de algehele regeneratie van de microkosmos,

een proces van nieuwe menswording - naar het beeld van God.

 

De weg van transfiguratie kunnen wij allen gaan,
omdat wij beschikken over een denkvermogen.

Het denkvermogen en het verstand stellen de mens in staat
een Gnosticus te worden, dat wil zeggen, een wetende.

Deze vermogens, waarover de mens beschikt,
werden en worden echter gebruikt voor het handhaven
van zijn ongoddelijke leven.

Is het een wonder dat het onheilige vuur, dat daardoor is ontstaan,
zich nu over de gehele mensheid dreigt uit te storten?

 

Het Christus-atoom

Ieder kosmisch tijdperk heeft een specifieke invloed en uitwerking op
het gemoed van de mens. De kosmische stralingen stuwen en sturen de ontwikkeling van het menselijke bewustzijn.

Deze ontwikkelingen bepalen de vermogens en mogelijkheden van de mens
in zo’n tijdsperiode.

 

Gedurende het vissentijdperk, de ruim 2000 jaren die achter ons liggen,
werd de mens intensief verbonden met de werkzaamheden van het hart.

Het grote doel was, om de slapende goddelijke Lichtvonk in het  hart weer
te wekken, opdat deze direct tot het bewustzijn zou kunnen spreken.

 

Deze Lichtvonk of Roos des harten, dit Christusatoom,
is het rudimentaire overblijfsel van het oorspronkelijke, goddelijke leven.

Als een zaadkorrel draagt het alle mogelijkheden in zich
tot volkomen vernieuwing naar goddelijk bedoelen.

Dit juweel wacht in de mens tot het moment,

waarop deze zich zijn goddelijke afkomst weer gaat herinneren.

Door vele ervaringen gerijpt, wordt het hart van deze mens
vervuld van verlangen naar het oorspronkelijke Vaderhuis.

 

Het verlangen van het hart  gaat als een noodkreet de kosmische ruimte in.

En als een  wetmatigheid zal het liefdevolle Licht van
de Universele Christus reageren. Het zal de slapende Lichtvonk wekken.

Een proces van nieuwe zielenontwikkeling neemt zijn aanvang.

Het is dit proces, dat in de evangeliën wordt beschreven.

De Christelijke jaarfeesten zijn hoogtepunten in deze ontwikkeling,

 

Jaarfeesten als metafoor voor de Weg

Jaarfeesten, zoals Kerstmis, Pasen en Pinksteren, bepalen ons bij de Bijbel.

De Heilige Schrift wijst aan de mens de Weg, de Waarheid en het

Volkomen Leven.

In de bijbel is veel gesluierd weergegeven, maar de mens die waarlijk zoekt,
zal de sleutel vinden tot begrip van deze teksten.

 

De jaarfeesten zijn een metafoor voor de Weg die de mens kan gaan,

als hij zich weer bewust wordt van zijn kindschap Gods.

 

In het middelpunt van onze microkosmos, in ons hart,
bevindt zich de Lichtvonk, of het Christusatoom.

Wanneer dit Goddelijke atoom in het hart tot werkzaamheid komt,
gaat er een nieuwe heiligende kracht vanuit. 

Een nieuw Licht begint zich dan in het hart te openbaren.

Dit is de geboorte van het Christuskind: Kerstmis.

 

Deze Lichtgeboorte vloeit voort uit ons verlangen naar Waarlijk Leven.

Dit verlangen schept de innerlijke ruimte, die nodig is
om het Licht geboren te doen worden.

 

Zo komt, vanuit de geboortegrot in het hart, het licht in omloop in ons wezen.

We raken meer en meer vervuld van haar werking.

Voortgaande op deze weg, in deze “navolging Christi”,
onttrekken wij ons steeds meer aan het aardse gebeuren,
en leven wij toe naar de vereniging met de Geest.

 

Dit voert naar het offer, het dragen van het kruis en de kruisiging,
het óndergaan van de aardse mens, de opstanding van de geest-zielenmens,

de hereniging met de Vader, met de Geest.

 

Eenieder die het Pad ten Leven wil gaan zal nu, in dit aardse leven,
moeten aanvangen het Pad van het Kruis te betreden.

Wanneer iemand dit Pad betreedt, legt hij zijn hart op het Kruis.

Dit is wat Pasen ons te zeggen heeft.

 

Daarna beleven wij het Pinksterfeest.

Door de zelfovergave aan het Licht in ons, wordt de mens geschikt gemaakt
voor de indaling van de Heilige Geest.

Er wordt in ons een vuur ontstoken.

Er gaat dan van ons een vurig wenkend, roepend lichten uit.

Wij zijn dan kinderen van het Vuur, verbonden met de Universele Wijsheid. 

Wij spreken dan de taal van de zoekers,

weliswaar in verschillende talen, maar met één betekenis.

Namelijk deze, dat wij dienen terug te keren naar onze Oorsprong,
naar het Vaderhuis.

Dit kan alleen door de volledige overgave aan het Christus-beginsel in ons.

 

Dit zijn cruciale momenten in ons leven, zo wij ze werkelijk gaan begrijpen
en beleven.

 

Wij leven op deze aarde als in een betovering, totdat deze betovering,

door onze vele ervaringen, wordt verbroken.

Totdat in de mens het inzicht ontstaat dat er een geheel ander doel
aan zijn leven ten grondslag ligt.

De Gnostieke wijsbegeerte kan pas een ingang vinden bij die mens,
die zich weet lós te maken van de betovering van de aarde.

Dan zal de blik naar binnen worden gericht, naar de Roos des Harten,
en kan de stem van dit onsterfelijke element worden gehoord.

Zo wordt de aardse karikatuur van het Innerlijke Beleven opgeheven.

Zo zal het carnavaleske van de Ik- mens verdwijnen en wordt de mens
de eenvoudige pelgrim op weg naar het Kindschap Gods.

 

De Johannes-mens

De Bijbelse jaarfeesten zijn in feite ontwikkelingsprocessen, die in ieder mens kunnen plaatsvinden. In het nieuwe testament worden in het begin van het evangelie twee figuren beschreven, namelijk Johannes de Doper  en Jezus de Christus.

Zij maken aan ieder mens het pad van zielenbevrijding duidelijk.

Zij tonen het grote heerlijke doel van de zelfovergave aan dat proces.

Zij leven het voor.

Het gehele proces van de Christelijke heilsleer wordt zo daadwerkelijk
voor ieder mens geopenbaard.

 

Johannes is de natuurgeboren mens.

Na vele ervaringen heeft hij ingezien dat de natuur van de duisternis
nooit het juiste antwoord geeft op het innerlijke verlangen.

Van zijn hart gaat een tomeloos verlangen uit naar licht, naar waarheid.

Deze Johannes-mens heeft zich omgewend.

Alleen zo kan hij de roep vanuit de Goddelijke natuur ervaren;
de roep die uitgaat om te zoeken wat verloren is.

 

Hij is nu vastbesloten om het pad van werkelijk leven te gaan
en alle consequenties daarvan van harte te aanvaarden. 

Hij maakt de paden recht voor de Goddelijke kern in zijn microkosmos.

 

Zo wordt hij opnieuw verbonden met de oorspronkelijke natuur.

En zo kan hij ook anderen dat pad wijzen en van die kracht meedelen.

Daarom wordt hij een profeet en een doper genoemd.

Ieder van ons wordt uitgenodigd zo’n Johannes-mens te worden.

 

De Jezus-mens

Door de weg van voorbereiding in de Johannes-fase, wordt de geboorte
van Jezus in het hart van de mens mogelijk.

De Roos, de ware zielenkern, komt tot leven.

Het wordt licht in het hart van de mens.

In dat licht wordt pas goed de wanordelijke situatie
in het menselijke stelsel zichtbaar.

Er is gekozen voor het Zielenleven, maar toch wordt de mens
nog vrijwel dagelijks geconfronteerd met de sleur, de gewenning
en de oude gebondenheden van het leven.

Dit zijn astrale bindingen, die zich met grote regelmaat opdringen
aan de naar vrijheid strevende mens.

 

Veel begoochelingen, waarin ooit werd geloofd, moeten worden doorzien,
oude maskers, waarachter we ons verschuilden, worden weggetrokken en opgeruimd.

Hier zien we dan ook de ware betekenis van het carnaval:

we gaan onze eigen waan doorzien. 

Wij vieren het feest van de ontmaskering,
van het doorzien van magnetische gebondenheden.

Het is het drievoudige feest van transmutatie,
van opruiming en reiniging van hoofd, hart en handelingsleven.

Zo staan we in een proces van nieuw geloof en nieuwe hoop.

Wij hebben het Nieuwe leven lief, dat in ons geboren is.

 

Na het carnaval volgt de periode van vasten, 40 dagen lang.

In het getal 40 zien we de nul, het symbool van de cirkel der eeuwigheid,
van waaruit vier krachten de ziel sterken.

Het zijn de heilige spijzen, de zuivere bouwstoffen van de geest,
de goddelijke radiaties.

Het zijn:
de reine denkstof,
de zuivere astrale substantie,
de oorspronkelijke ethers of levenskrachten
en de Universele stoffelijke kracht.

 

In die krachten bereidt de Jezus-mens zich voor op zijn kruisgang ten leven.

 

De Geest-Zielegeboorte

Zonder een vrijplaats is het vrijwel onmogelijk de vele aanvallen
van de oude astrale krachten te weerstaan.

Zelfs de ingewijde Paulus verzucht:

”Als ik het goede wil doen, staat het kwade naast mij”.

De Geestesschool  van het Gouden Rozenkruis is zo’n vrijplaats.

Hier zijn de krachten van de Christus hiërarchie ieder mens van dienst,
die naar zielbevrijdend leven streeft.

Daartoe onderhoudt de School een astraal magnetisch lichtveld van zuivere Christuskracht, een levend lichaam.

Als een hemelschip, een ark, is haar Levend Lichaam.

Iedere serieuze zoeker kan in dit levende Lichaam, dit Corpus Christi,
worden opgenomen.

Wanneer zo één dan ook daadwerkelijk de overgedragen leringen omzet
in de praktijk van het leven, zal hij door die Christuskracht alles vermogen
wat nodig is.

Hij zal Jezus volgen op zijn kruisgang.

De nieuwe ziel zal in deze mens groeien.

Hij beleeft de kruisiging, waar al het oude sterft in Christus,
maar hij gaat verder en viert zijn opstandingsfeest.

De Geestziel is geboren.

 

De ziel is losgekomen van de bewogenheden van de oude natuur
en gaat zijn hemelgang.

De adem van de Heilige Geest vervult het ademveld van de microkosmos
met zijn Vurige Kracht, met Nieuwe Scheppingskracht.

Het ware Pinksterfeest.

 

En in die kracht is men in staat ook anderen van dienst te zijn
en het evangelie door te geven, door het volkomen voor te leven.

Reacties

Voeg reactie toe

Geschreven door YaNur op za, 8-12-2018, 08.37u

Prettige stem. De tekst wordt aangenaam voorgelezen. Inhoud is duidelijk en voedend. Dank!

Geschreven door Jes Jespers op za, 8-12-2018, 05.38u

Correctie van de laatste zin: "Ik ben het gat in de fluit waar doorheen God ademt".
Aanvulling: in het Oude Testament zijn er drie niveaus van begrijpen te onderscheiden:
- letterlijk begrijpen is het niveau van steen,
- meer begrip/besef is het niveau van water
- het hoogste begrip en besef is het niveau van wijn.
Mozes die met zijn stok (woorden) op de rotsen (mensen) sloeg en er kwam water uit ( er daagde meer begrip). Jezus noemde de schriftgeleerden 'stenen graven'. Johannes doopte de mensen met water, letterlijk genomen gooide hij water over hun zijn leerlingen, overdrachtelijk betekemt het dat zijn woorden mensen tot inzicht bracht. Van Jezus werd gezegd dat hij over de wateren liep, dat kan je letterlijk nemen maar ook weer overdrachtelijk zien. In de paranel van de bruiloft van Kanäan (was Kanäan niet het beloofde land, de geest?) is sprake van stenen kruiken (de mensen) waarin water zat (begrip hoger dan steen), waarbij dat begrip door de woorden van Jezus getransfigureerd werden naar het niveau van wijn, het allerhoogste besef. De bruiloft zelf staat voor het de eenwording met het goddelijke.

Geschreven door Jes Jespers op vr, 7-12-2018, 16.57u

Het oorspronkelijke levensveld van de mens is dat niet het paradijs, waar de mens nog niet verdwaald in de illusoire wereld van ruimte en tijd leefde, maar in het Nu, in het bewustzijn van Zijn en daarin het geluk ervoer (chit sat ananda). Door te eten van de boom van kennis van goed en kwaad, zich te verliezen in dromerijen en redenaties, verliet hij het hier en nu van de boom des levens en daalde hij van de 5e dimensie af naar de 4e dimensie en belande daarmee in het dierenrijk. De erfzonde is dat niet dat onze geest de mind van het mensdier als hoofdbewoner kreeg? Het mensdier waarover Rumi zei: 'het goddelijke dat droomt in het dier', en dus niet langer 'ontwaakt'. Staat Johannes niet voor het mensdier dat probeerde via de rede weer tot Waarheid te komen en via deze weg tot 'ontwaken'? Was het niet Christus die ons leerde hoe ons van de erfzonde te bevrijden? Het mensdier met zijn met identiteiten gevulde ego wakker te schudden uit zijn dagdromerijen en zich niet langer met delen van het geheel te identificeren? Niet langer te dromen maar ons terug te voeren naar het Nu, dat het 'einde der tijden is', daar waar enkel bewust zijn is? Hield hij ons niet voor weer zoals de kinderen 'arm van geest te zijn'. De mind weer in de rol van dienaar te dringen en daarmee niet langer de hoofdbewoner van de geest doch een mens die tot ontwaken in staat is? Een mens die niet langer naar het geklets van het dier in hem luitert, doch een mens waarvan meister Eckhart zegt: "een bewust mens is hij die in stilte verblijft". Een mens die niet langer 'horende doof is', maar weet dat Aandach het bewustzijn is dat van horen luisteren maakt. Een mens die zich niet langer vereenzelvigt met delen van de scheppimg doch als Christus vol overgave kan zeggen: "Vader niet mijn wil doch uw wil geschiedde!", in acceptatie weer accepteert 'wat IS' of zoals Rumi het verwoordde:"Ik ben het gat waar doorheen God ademt!.

Geschreven door P Koornneef op vr, 7-12-2018, 16.50u

Het spreekt me direct aan ,oftewel het raakt me en voel de waarheid die er mee bedoeld wordt.

Geschreven door Rensina Koelewijn-Glijn op vr, 7-12-2018, 16.43u

Zo heel duidelijk dank daarvoor.