Ik ben niet alleen, overal om me heen is leven

Ik wandel alleen in het bos.
Af en toe kom ik mensen tegen, ze praten.
Dat verstoort de stilte en de sfeer van mijn ritmisch bewegende voeten en de zingende vogels.
Dan betreed ik een terrein met een bordje Verboden Toegang.
Ik loop een heuvel op en een roedel edelherten vlucht weg.
Ze zijn prachtig, donkerbruin met enorme geweien.
Even verderop woelen wilde zwijnen.
Ze hebben jongen, dat kan gevaarlijk zijn.
Beschaamd keer ik me om, ik ben nu degene die de rust van de dieren verstoort!

Ik voel mijn lichaam.
Mijn benen stappen stevig voort, de zon schijnt op mijn gezicht en een briesje aait mijn huid.
Ik voel het borrelende leven onder de oppervlakte van de aarde, dat zich spoedig zal gaan vertonen. Mijn hart jubelt en wil opgaan in het al, maar de geest wijkt uiteraard terug.
Ze blijft als immer ongrijpbaar...
Ik kan me beter richten op wat er is, dan te verlangen naar het onmogelijke!

Ik open mijn jas en mijn tred wordt ontspannen.
Ik kijk om me heen naar het geschenk van dit moment.
Het is heerlijk om niets te moeten en niets te willen.
Ik open mijn hart en laat het licht naar binnen: het is voorjaar!
Een geel vlindertje verschijnt telkens weer.
Ze vliegt naast me en dartelt voor me uit als een gids in een sprookje.
Ik vraag me af of het steeds een andere is, of toch dezelfde.
Ach, het maakt ook niet uit, het is een mooi beeld, dat vol vreugde luchtig beweegt.
Ik ben niet alleen, overal om me heen is leven..

Voeg reactie toe