Vragen van het kind

Link naar de website van het Jeugdwerk van het Rozenkruis.

Wie ben ik?
Waar kom ik vandaan?
Waar ga ik naartoe?

 
Als een kind je deze eenvoudige vragen stelt, wat kun je dan antwoorden?
Waar kom ik vandaan, dat moet te doen zijn; en je begint te vertellen over de geboorte, maar nee ''dat is toch logisch en bekend'', is dan de reactie van het kind.
De vraag was; ''waar kom ik vandaan, voordat ik geboren was. Waar was ik toen?''
Dan is er opeens een probleem met de logica;
Albert Einstein zei het al; Logica brengt je van A naar B, verbeelding overal.
Gezien de staat van dienst van Einstein bedoelde hij daarmee niet dat je zomaar iets gaat verzinnen. Met verbeelding wordt hier bedoeld dat je de ingesleten paden van het logische denken verlaat en open staat voor nieuwe door- en inzichten.

Een werkelijk antwoord op de vraag ''waar kom ik vandaan'' vereist dus verbeelding, verder kijken dan wat we met onze logica kunnen beredeneren of verklaren.
Maar met welk instrument kunnen we onze zoektocht dan voortzetten?

In het boek De kleine prins van Antoine de Saint-Exupery geeft het personage van de vos de volgende diepzinnige raad;
'Dit is mijn geheim, het is heel eenvoudig: alleen met het hart kun je goed zien.
Het wezenlijke is voor de ogen onzichtbaar.'

De wezenlijke dingen van het leven leren waarnemen daar gaat het om.
In het hart is daarvoor de sleutel gelegen.
En met deze sleutel is het mogelijk een schat aan wijsheid te ontsluiten.
Maar kunnen wij deze sleutel nog vinden?
Misschien is dat wel de belangrijkste vraag van allemaal.

Want we leven in een wereld die gedomineerd wordt door van A naar B logica.
Of ook wel oorzaak en gevolg, licht en duister, oorlog en vrede.
En terwijl wij daarin opgroeien neemt het ego van deze wereld steeds meer plaats in, het ego dat van nature vijandig staat tegenover verbeelding en werkelijke vernieuwing.
Daarom zijn het vaak kinderen die ons met hun bijzondere vragen wakker schudden uit onze efficiënte van A naar B levens.
Bij hen is het ego nog niet zo dominant, zij bezitten daardoor van nature een openheid van het hart waarmee ze ons het wezenlijke van de dingen kunnen laten zien.
In de bijbel (Mattheüs 18:2-4:) wordt ons daarom zelfs aangeraden te worden als kinderen.

Hoe zou het leven er uitzien als wij onze kinderen en daardoor onszelf de ruimte geven die bijzondere openheid van het hart te behouden bij het opgroeien?

Daarom heeft de school van het Gouden Rozenkruis het jeugdwerk, waar kinderen in alle vrijheid
kunnen ontdekken hoe zij de antwoorden op de grote levensvragen in zichzelf kunnen vinden.