4

Rozenkruis en Gnosis

Mens en

microkosmos

Op de aarde komt ons persoonlijkheidsleven tot ontwikkeling, maar ook niet meer dan dat. En dat leven stelt,zoals wij uit ervaring weten, een voortdurende verandering, een komen én een gaan, in alle aanzichten van hetaardse bestaan.

 

Maar nu is er tegelijkertijd ook een ander leven dat ons aanraakt. Dat andere leven is ons zeer nabij. Het is om ons en in ons. Het is een leven dat niet uit de aarde te verklaren is. Wij spreken van de microkosmos met de daarinaanwezige geestkern.

 

De microkosmos komt tot ons vanuit het goddelijke zonnelichaam, de persoonlijkheid komt uit de aarde. Er zijn dus in feite twee levenstoestanden, die zich op een zeker moment met elkaar verbinden; een leven vanuit de aarde, en een leven vanuit het goddelijke zonnelichaam.

(J. van Rijckenborgh, Reveil!, 2e dr., blz. 34)

 

We willen nu graag onderzoeken hoe de persoonlijkheid is opgenomen in een groter stelsel, in een microkosmos of kleine wereld.

Leven binnen een microkosmos 

We kunnen ons de microkosmos voorstellen als een bolvormig, magnetisch systeem met de geestvonk als kern. Om die kern bevindt zich de viervoudige persoonlijkheid.

 

De mens bestaat uit:

  1. een stoffelijk lichaam,

  2. een ether of levenslichaam, waardoor het stoffelijk lichaam functioneert,

  3. een astraal of begeerte lichaam, waardoor we verlangen en voelen en

  4. een mentaal lichaam, waardoor we denken.

 

Rondom deze viervoudige persoonlijkheid bevindt zich een ademveld. Een mens leeft dus binnen zijn eigenademveld, zijn eigen sfeer. Dit ademveld bepaalt de eigenheid van een mens en het onderscheidt hem van anderen. Alle krachten die het ademveld binnenkomen, worden in overeenstemming met de kwaliteit van hetademveld opgenomen of afgewezen. 

 

Het ademveld wordt omsloten door de aurische sfeer van de microkosmos. Deze wordt ook wel – inovereenstemming met de kosmos – het uitspansel of firmament genoemd.

 

Wedergeboorte

De microkosmos en zijn geestkern zijn onsterfelijk. Als een mens sterft, wordt de microkosmos ontledigd, om daarna via een geboorte weer een nieuwe persoonlijkheid, een nieuwe ziel, op te nemen. Als een mens sterft blijven het stoffelijke lichaam en een deel van het etherlichaam achter in de zichtbare wereld. De ijlere aanzichten van een mens (astraal en mentaal) gaan naar het onzichtbare gebied van de dialectische natuurorde en vervluchtigen daar na enige tijd. Dan pas is de microkosmos helemaal ontledigd.

 

De ervaringen die tijdens het leven opgedaan zijn, worden opgetekend in de microkosmos. Dit gebeurt in een deel van het aurische wezen, dat de lipika wordt genoemd, wat schrijver betekent. De lipika functioneert als het geheugen van de microkosmos, waardoor lessen niet steeds opnieuw geleerd hoeven te worden. Een volgende incarnatie wordt voorbereid op basis van dit geheugen van het aurische wezen. Elk mens krijgt zo een uniek en geschikt uitgangspunt voor zijn leven.

 

Karma en de weg terug

De processen die leiden tot een nieuwe incarnatie, vinden in het onzichtbare gebied van de dialectiek plaats, in detegenhanger van de ons bekende stofsfeer, in de zogenaamde spiegel- of reflectiesfeer. Alles wat zich afspeelt in de zichtbare wereld, zowel stoffelijk als in gevoel, denken en handelen, heeft zijn reflectie in die onzichtbare wereld. 

Het leven in onze natuur is gebonden aan wetten. We kennen de wet van oorzaak en gevolg, van actie en reactie. Deze wet wordt ook wel karma genoemd. Door karma worden we als natuurmensen geplaatst voor deconsequenties van ons handelen. Ook blijft hierdoor de cirkelgang van het dialectische leven in stand.

 

Het aurische wezen, waarin het karma verankerd ligt, bevat dus de som van alle ervaringen van de vele incarnaties inde microkosmos. Door deze som van ervaringen en door de ervaringen in het huidige leven, kan het bewustzijn groeien. Op een gegeven moment gaan we door al die ervaringen heen beseffen dat iets essentieels aan ons levenontbreekt. We lopen vast in het uiterlijke en veranderlijke leven. Dit vastlopen in het leven is noodzakelijk om totbewustwording te komen en het is ook de basis voor het herstel van de binding met de geest.

 

Het plan voor dit herstel ligt als een machtig perspectief in het hart van een mens besloten.

Wie zich bezighoudt met het mysterie van geest en stof zet een stap naar de innerlijke omkering, door vanuit de stof zich weer te verbinden, te voeden met de geest. Te zoeken naar de verlichting. Licht als de voedingsbron om dat wat voor de stoffelijke mens nog niet zichtbaar is, in hem tot openbaring te brengen. Want waaruit is leven? Uit licht. Wat is licht? Trilling, vibratie. Waar komt die vibratie vandaan? Uit de geest. 

Contact

Lectorium Rosicrucianum

Bakenessergracht 11

2011 JS Haarlem

T (023) 518 61 85

info@rozenkruis.nl

  • Facebook - White Circle

Copyright © 2020 - Lectorium Rosicrucianum - Internationale School van het Gouden Rozenkruis